Wie met Roel van Lent (marketingmanager bij grootkeuken-specialist Metos) spreekt, merkt al snel dat dit geen bedrijf is dat zomaar meedoet aan een onderwijsproject omdat het ‘goed staat’ op de website. Metos doet dit omdat het past. Omdat het werkt. En omdat het als organisatie met ruim 750 collega’s in negen landen (160 in Nederland) groot genoeg is om de verantwoordelijkheid te nemen en nuchter genoeg om zich niet te verschuilen achter gelikte HR-verhalen.
Roel zegt het zelf met een soort rustige vanzelfsprekendheid: “We zijn niet het klassieke logistieke bedrijf met vrachtwagens en logo’s voor de deur. Daarom zien jongeren ons vaak niet meteen. Maar als ze eenmaal binnen zijn, ontdekken ze hier projecten die je nergens anders ziet: van Booking.com tot Ikea en de Efteling.” En inderdaad: achter elk product, elke oven, elke spoelunit en elke complete keuken draait een logistieke keten die veel breder is dan het etiket ‘grootkeukenleverancier’ doet vermoeden.
Dat is precies waarom het InCompany Logistics-programma zo goed past bij Metos. In dat programma volgen studenten niet zomaar een paar praktijklessen, maar verhuizen ze hun hele school naar de werkvloer. Nederlands, Engels, rekenen: alles tussen de pallets, de onderdelen en de collega’s die gewoon hun werk doen. En om de paar weken verschuift die werkvloer naar een ander bedrijf, een andere cultuur, een andere praktijk. Zo leren studenten niet alleen een vak, maar ook hoe organisaties écht werken. CENSES Education coördineert het project: iemand moet overzicht houden wanneer lessen en logistiek ineens dezelfde vloer delen.
Voor sommige bedrijven klinkt dat beangstigend: “Als ze steeds ergens anders komen, lopen ze straks weg naar de concurrent.” Maar Roel lacht om die gedachte. “Dat is echt een traditionele manier van denken. Als mensen willen vertrekken, doen ze dat toch. En het valt ons op dat oud-medewerkers regelmatig na verloop van tijd terugkomen omdat het gras elders niet altijd groener is.”
Het klinkt licht, maar het raakt een diepere waarheid: De openheid van het programma is geen risico. Openheid is een filter: wie blijft, kiest bewust. Wie weggaat, leert en komt soms terug omdat hij ineens ziet wat hij had. En wie niet komt, was waarschijnlijk toch geen match.
In de gesprekken met Roel wordt zichtbaar hoe waardevol de frisse blik van jonge mensen is. Studenten stellen vragen die niemand meer stelt. Vragen die de routines van een organisatie niet afbreken, maar blootleggen. Waarom lopen jullie steeds heen en weer om foto’s te laten zien? Waarom gebruiken jullie dit systeem nog handmatig als er al een tool voor is? Waarom doen jullie deze taak zo omslachtig, terwijl wij hem in een app in drie klikken oplossen? Het zijn geen kritische vragen. Het zijn eerlijke vragen. En precies daarom hebben ze impact.
“Je wordt gedwongen om opnieuw te kijken naar hoe je werkt,” vertelt Roel. “Dat is soms confronterend, maar vooral heel gezond.” Je ziet het voor je: iemand met twintig jaar ervaring die ineens moet uitleggen waarom hij iets doet zoals hij het doet en zichzelf betrapt op het feit dat hij dat eigenlijk al jaren niet meer heeft bevraagd.
Misschien is dat wel de kern van de samenwerking: Metos leert net zo hard als zijn studenten. Een organisatie met zoveel geschiedenis kan alleen vooruit door zichzelf af en toe opnieuw uit te vinden. En wie kun je beter vragen om een open blik dan jongeren die nergens vanuit gaan en overal doorheen prikken?
Wat verder opvalt, is hoe Metos naar mensen kijkt. Niet als functies. Niet als vakjes. Maar als potentieel. “Wij bijten ons niet vast in functies,” zegt Roel. “We kijken of iemand als persoon past. De rest kan zich ontwikkelen.” Zo komt iemand binnen in de logistiek en groeit door naar planning, inkoop of commercie. Niet omdat dat zo is uitgestippeld, maar omdat het zo ontstaat. Het is een soort intern ecosysteem waarin loopbanen niet als rechte trappen lopen, maar als paadjes in een bos; niet altijd recht, maar wel richtinggevend.
Voor studenten is dat bijzonder. Ze zien een bedrijf waarin groei geen belofte is, maar een gevolg. En voor Metos is het logisch: een brede organisatie vraagt om brede mensen.
Het aantrekkelijke van deze samenwerking met het beroepsonderwijs zit in iets wat Roel bijna terloops benoemt: realisme. Door studenten verschillende bedrijven te laten zien, ontstaat geen competitie, maar perspectief. Ze zien goede kanten, minder goede kanten, verschillen, overeenkomsten. Ze zien de mensen die achter systemen zitten. En precies daardoor kiezen ze bewust of dat nu voor Metos is of ergens anders. “Als iemand na al die ervaringen zegt: dit past bij mij, dan weet je dat het klopt,” zegt Roel.
Misschien is dat wel de mooiste vorm van werving: zonder werven. Gewoon laten zien wie je bent. Zonder filters. Zonder romantiek. Zonder beige stockfoto’s en tandpasta-witte glimlachen.
Roel zegt het zelf eenvoudig: “Voor ons is dit geen los projectje. Het is een manier om mee te bewegen met hoe de wereld verandert. Jongeren maken dat zichtbaar en wij leren net zo veel als zij.”
En terwijl hij het zegt, zie je wat InCompany Logistics bij Metos echt doet: het verbindt onderwijs en bedrijfsleven door het stageplafond te doorbreken (meer hierover in deze whitepaper!) af te breken, of tenminste door dat plafond doorzichtig te maken. Je kijkt erdoorheen. En aan beide kanten zie je mensen die nieuwsgierig zijn, leergierig, en een beetje verbaasd over hoe simpel een goed idee kan zijn.
Metos bewijst dat leren niet in een lokaal hoeft te beginnen. Het kan net zo goed in een magazijn. Tussen ovens. Tussen onderdelen. Tussen mensen die hun werk doen en even met opgetrokken wenkbrauw opkijken wanneer iemand van achttien vraagt waarom de dingen zijn zoals ze zijn.
Soms heb je daar geen theoretisch kader voor nodig. Alleen een open deur en iemand die erdoorheen durft te stappen.
Plan een vrijblijvende kennismaking met CENSES!
Plan een vrijblijvende kennismaking met CENSES!